Gods Koninkrijk

Wij zijn burgers van Gods Koninkrijk en wij zijn een Koninklijk priesterschap, een heilige natie en een volk God ten eigendom. Als zonen en dochters van God wil Hij ons door het geloof gehoorzaamheid leren en ons hart overeen laten stemmen met Hem. Jeshua wil ons door Zijn Geest ons tot geestelijk volwassen mensen maken tot we de volle kennis van Hem bereikt hebben, de mannelijke rijpheid en volheid van Christus.

We moeten leren Gods stem te verstaan en ons laten leiden door Zijn Geest. In Gods Koninkrijk waar wij dan als burgers mogen zijn gelden Gods wetten en regels die Hij in ons hart heeft geschreven en die Zijn Wezen en karakter uitdrukken. Dan zullen we doen wat goed is vanuit ons natuur en verbondenheid met Jeshua en dan zullen we niet nodig hebben om mensen te dwingen Gods wil en geboden te doen omdat ze dan uit geloof en gehoorzaamheid overeenstemmen zullen met Hem om zo Zijn goddelijke natuur en karakter te weerspiegelen. Maar zolang we die mate nog niet bereikt hebben zullen we Gods wetten en onderricht nodig hebben om ons aan onszelf te ontdekken en om verborgenheden aan het licht te brengen. Deze wetten zullen ons tot tucht zijn.

De uiterlijke wet veranderde het hart niet maar vraagt om gerechtigheid, de schuld en de straf op de zonde die ons toekwam werd door de dood, door het offer van Jeshua, op het hout genageld waardoor wij vrij en gerechtvaardigd werden en innerlijk verandert konden worden, vergeven en verlost van de zonde. Hij betaalde de straf en nam de schuld op Hem opdat wij vrij zouden zijn van de straf en vloek op de wet.

Deze wetten van Gods Koninkrijk die uit de wil van God voortkomen zullen ons steeds meer innerlijk veranderen en vernieuwen naar Zijn beeld en gelijkenis en deze onderwijzingen in Zijn Woord zijn zeker niet zijn weg- of maar afgedaan maar de voorwaarden van de wet werden eigenlijk uitgebreid van slechts ‘uiterlijk’ (ceremoniële rituelen) naar het ‘innerlijke’, (in geest en in waarheid), naar ons houding en motieven van het hart die ons innerlijk verborgene blootlegt. Ceremoniële rituelen (van de wet) zijn op zich zwak en hebben geen kracht tot verlossing maar Gods Geest verlost en verandert het innerlijke van binnenuit, het hart en ons aard en karakter maar ook onze motieven waarom we iets doen. Hierdoor kunnen we door deze wetten Gods karakter tot uitdrukking brengen in ons leven en karakter en zullen de uiterlijke wetten geen drijfveer meer vormen maar vormen zij een motivatie van binnenuit, vanuit zijn hart.

Maar een menselijk natuur is altijd arglistig en weet altijd een wijze te vinden om de wet te ontlopen of zo te interpreteren om toch vrij tot zonde te komen en vrij van overtreding te blijven zonder daarover aangesproken of gestraft te kunnen worden, maar zonde blijft zonde, en de straf op de zonde blijft als het niet naar de Heer wordt gebracht om verlost en gereinigd te worden.

We zien zo dat de uiterlijke wetten niet ons drijfveer zijn, maar de motivatie komt van binnen uit. En leren we de wet zien door de ogen van de Messias die ons leiden zal naar Zijn volmaaktheid. Een wettisch ritueel kan opzich pas betekenis krijgen wanneer het bevestigt word door Gods Geest en de persoon dit van binnen ervaart en kan veranderen. In het nieuwe verbond is de wet in het hart wat zegt dat haten zonde is, de Bijbel zegt in 1 Joh. 3 vers 15 ‘Iedereen die zijn broeder of zuster haat, is een moordenaar, en u weet dat een moordenaar het eeuwige leven niet blijvend in zich heeft’. Maar onder het oude verbond wat dus uiterlijk was en waarin het hart bleef verborgen moest men letterlijk iemand vermoorden om door de wet te kunnen worden veroordeelt. Redding was daar alleen uiterlijk onder gehoorzaamheid wat uiteindelijk gedoemd was te mislukken.

De wet is van het ‘uiterlijke’ wat zwak was door het geloof in Jeshua naar het ‘innerlijke’ van het hart gegaan wat zo de zonde en aard door Zijn Geest bloot wordt gelegd en veroordeelt. God beoordeelt ons dus niet naar ons werken en ons gehoorzaamheid aan de wet, maar naar iemands besnijdenis van het hart, het innerlijke en dat is al voldoende voor God om iemand uit het Koninkrijk van God gezet te worden leert 1 Joh.3. Iemand uiterlijk te straffen voor het haten zal in de praktijk niet gebeuren maar de Heilige Geest zal de zonde beoordelen en openbaar maken en zal het innerlijk in alle liefde en geduld veranderen en vernieuwen van binnenuit.

Dit innerlijk veranderen wordt bewerkt door het lezen van Gods Woord (van Genesis tot Openbaring), geleid door Gods Geest om de wet te zien met de ogen van Christus wat Zijn diepste bedoeling daarin is om het hart en karakter te veranderen om geheel gerechtvaardigd en rein te zijn en volkomen volwassen om met Hem te kunnen regeren. We zien hier dat het niet meer ons werk is omdat wij als mensen falen, maar dat het Gods werk is die het in en door ons heen bewerkt. Het Koninkrijk begint in ons hart waar God bezig is de nieuwe mens in Christus volkomen te maken en waarin we nu al reeds autoriteit mogen hebben in Zijn Naam en dit breid zich uit wanneer Jeshua terug komt en Zijn Koninkrijk hier op aarde vestigt en wij, de overwinnaars met Hem als Priesters en Koningen mogen regeren in liefde en recht en waarin we de glorierijke vrijheid van God zullen ervaren .

Zo wil de Heer ons nu trainen en voorbereiden om wanneer Zijn Koninkrijk hier op aarde komt zodat we met Hem kunnen regeren. Wie we dus nu zijn, zullen we straks in dat komende rijk zijn. De Heer is nu al door alle eeuwen heen heersers aan het trainen voor het komende rijk wat aanstaande is, wanneer de zonen en dochters van God zich zullen openbaren, hen die zijn voorbestemd om te regeren met Hem waarvan Jeshua de Messias het hoofd en de Koning is. En de aarde zal vervuld zijn van de Majesteit en Heerlijkheid van de Heer.

Hallelujah.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.