Melchisedek – In rechte relatie met de Eeuwige

De Eeuwige zei als jullie van de goede weg af zouden gaan naar links of naar rechts, zullen jullie achter je horen zeggen ‘dit is de weg, wandelt daarop’. Velen zijn van de rechte weg geweken en de Heer roept ze terug .. en zegt door Zijn Geest wandel deze weg, ga niet naar links ga niet naar rechts maar ga rechtdoor op de smalle weg die leidt naar eeuwig leven, dit is een leven door Mijn Geest, en allen die door Mijn Geest geleidt worden zijn Zonen Gods en die kunnen herkent worden aan hun karakter en hun overeenstemming met Jeshua. Maar weinigen zijn er die deze weg vinden.

Er is een priesterschap maar welke priesterschap volgen we !! we mogen de weg niet kwijtraken en moeten teruggaan naar de weg die Hij bedoeld heeft. Tesjoewa is terugkeren naar de goede weg. Er zijn twee orden van Priesterschap in de Bijbel en twee richtingen, de orde van Aäron en de orde van Melchizedek, de eerste orde is van de richting van de mens tot God, dat is het eerste Verbond, en de tweede orde is van God tot de mens, dat is het nieuwe verbond. De eerste leidt naar de dood en de tweede naar het leven, de eerste is onvolkomen en de tweede is volkomen, de eerste is naar het vlees de tweede naar de Geest, en de eerste uit de schaduw en de tweede is de vervulling.

Welke Priesterschap volg je ..!!

Wie is Melchisedek

Melek betekent Koning en tsedek betekent gerechtigheid, Melchisedek “Koning der Gerechtigheid, Koning van Shalom. Sem was de stichter van Jeruzalem, wiens titel Melchizedek, ‘koning der gerechtigheid’ of Adoni-zedek ‘heer der gerechtigheid’ was. Dit werd in feite de titel voor alle koningen lang nadat Sem gestorven was en in Jozua 10:1 lezen we van een dergelijke koning met deze naam titel. Jeshua is de Hogepriester naar de Ordening van Melchisedek, maar Melchisedek de Koning van Shalom is ook Jeshua de Messias zelf. Uit Hem is het eeuwige heilige Koninklijk Priesterschap en daar mogen wij onder behoren. Want het Woord zegt in 1 Petr. 2:9 Gij echter zijt een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterschap, een heilige natie, een volk (Gode) ten eigendom, om de grote daden te verkondigen van Hem, die u uit de duisternis geroepen heeft tot zijn wonderbaar licht.

De orde van Melchizedek , is een priesterschap dat niets te maken heeft met bloedlijn of overerving maar een Hogepriester is die door God Zelf word geroepen en die met een eed en belofte bekrachtigt is wat staat in Hebr. 7:20,21 en Psalm 110:4 “De Here heeft gezworen en het berouwt Hem niet: Gij zijt priester voor eeuwig, naar de wijze van Melchisedek”.

De wet van Mozes en het Levitische priesterschap zijn na de orde van Aäron en deze is naar het vlees. Dit priesterschap is door de bloedlijn door overerving en zo werden zij verkoren om als priester te dienen. Priesters naderden voor het volk tot God, ze waren de bemiddelaars. Deze priesterschap van Aäron is niet bekrachtigt met een eed zoals het priesterschap van Melchisedek.

Zo zien we dan nu in onze tijd dat het oude priesterschap van Aäron achterhaald is en dat het tijdelijk en niet eeuwig was, en dat we in Jeshua door Zijn bloed in het nieuwe verbond over zijn gegaan naar een eeuwigdurend priesterschap naar de orde van Melchisedek. Maar uit een verandering van priesterschap volgt noodzakelijk ook een verandering van wet zegt Gods Woord. Want de wet van Mozes geldt slechts voor Israël tot Johannes de Doper. (Luc.16:16). Met het vervolg  wat er staat sindsdien wordt het Koninkrijk van God verkondigd, en iedereen wordt met klem genodigd binnen te komen. Waar Gods universele wet voor gelovigen nu in hun harten zijn geschreven. “…Ik zal mijn wet in hun binnenste leggen en die in hun hart schrijven.” (Jeremia 31:33) De zonen van God zijn dus de priesters naar de ordening van Melchizedek en niet naar de ordening van Levi. Melchizedek was de Koning van Salem “Koning van Vrede”, in tegenstelling tot Levi die de koning van gewelddadigheid en wreedheid was.

Het Levitische priesterschap met de wet van Mozes wordt vervangen en wordt overgegaan naar het priesterschap van Melchisedek met de wet van Jeshua de Messias(1 Kor. 9:21). “de koninklijke wet” (Jakobus 2:8). Een wet die door Zijn Geest in ons, door hemzelf uitgeleefd wordt daar waar wij falen en tekort schieten. Een wet waarvan de grondwet is : “…Hoor, Israël, de Here, onze God, de Here is één, en gij zult de Here, uw God, liefhebben uit geheel uw hart en uit geheel uw ziel en uit geheel uw verstand en uit geheel uw kracht. Het tweede is dit: Gij zult uw naaste liefhebben als uzelf…” (Marcus 12:29-31).

Zo zijn we niet meer onder de wet van Mozes, naar de orde van Aäron, maar onder de wet van Christus (onder de orde van Melchisedek). Het priesterschap van Levi was verkoren om te dienen en te besturen onder de voorwaarden van het Oude Verbond; het priesterschap van Melchizedek was verkoren om de voorwaarden van het Nieuwe Verbond te besturen. Het priesterschap van Levi moest uiteindelijk wijken voor het priesterschap van Melchizedek van de Messias en Zijn zonen, de overwinnaars, die geen genealogische verbinding hebben met Levi en worden uit elk volk, taal en natie geroepen.

Maar is de wet dan afgeschaft, nee, “Stellen wij dan door het geloof de Wet (van Christus) buiten werking? Volstrekt niet; veeleer bevestigen wij de Wet.” (Rom.3:31) Want wie dat leert zegt Jeshua in Math 5 zal zeer klein heten in het Koninkrijk der hemelen, doch wie ze doet en leert, die zal groot heten in het Koninkrijk der hemelen. Bij het terzijde schuiven van het eerste verbond en te vervangen door een beter verbond, zijn deze niet afgeschaft, maar gaan we door onder een ander priesterschap en dat niet door het vlees maar door de Geest geleid vanuit de schaduw naar de werkelijkheid. De wet is vervuld, tot volkomenheid gebracht en we leven nu vanuit deze volheid. De wet, die eerst uiterlijk op tafelen waren geschreven maar nu in onze harten, dus verdiept wordt wat leidt tot volmaaktheid wat de wet van Mozes, het levitische priesterschap niet kon bereiken. De wet van Christus staat niet tegenover de wet van Mozes maar is er juist de vergeestelijking, de verdieping en de verrijking er van.

Jeshua wil de nieuwe Wet van Christus in en door ons heen vervullen dat is een handelen en in overeenstemming brengen met Hem tot we samen tot de volle wasdom en volheid van Christus komen. De nieuwe wet in Christus brengt ons altijd weer tot het Kruis en doet ons onze verborgen zonde ontdekken door de inwonende Geest, die elke keer weer leidt tot vergeving en dat is niet eenmalig. Als er geen wet was (in ons hart geschreven en niet uiterlijk op tafelen) konden we zonde niet onderscheiden door de Geest.

Het levitische priesterschap is sterfelijk, onvolmaakt en zwak, maar het priesterschap van Jeshua onder Melchisedek is eeuwig, onsterfelijk en leidt naar volkomenheid en leven.

Het volk Israël heeft onder het Levitische priesterschap de wet ontvangen maar de wet noch het priesterschap kon de mens niet tot volmaaktheid brengen, daar was een andere volmaakte wet voor nodig en ander Priesterschap en dat onder een nieuw verbond. Jeshua werd niet aangesteld als (Hoge)priester op grond van geslachtsregister, maar omdat Hij voor eeuwig leeft aan de rechterhand van God, en daardoor is de wet van Mozes niet langer meer van kracht deze kon niemand tot volmaaktheid brengen. Er is een betere hoop waardoor we nader tot God komen. Jeshua heeft een eeuwig Priesterschap omdat deze tot volmaaktheid leidt, daarom kan Hij volkomen behouden, wie door Hem tot God gaan, daar Hij altijd leeft om voor hen te pleiten en onze enige Middelaar is waardoor wij allen mogen naderen tot de troon der genade.

Zo dan een ieder die nu van de wet van Christus wat door de Geest is tot die van Mozes terug wil gaan, ZONDIGT ZOWEL TEGEN DE WET VAN MOZES ALS TEGEN CHRISTUS, door de wet niet wettelijk te gebruiken, maar haar te misbruiken en door eveneens Christus’ nieuwe wet te miskennen. Het is een opmerkelijk en tevens erg droevig verschijnsel in het kerkelijk/gemeentelijk leven van onze tijd dat er enerzijds zoveel van de wet van Mozes (orde van Aäron) gesproken en onderwezen wordt en anderzijds zo weinig van de wet van Christus (orde van Melchisedek). Het lijkt wel of de verblinding zó groot is geworden dat men het onderscheid tussen schaduw en wezen , belofte en vervulling niet meer onderscheidt. We dienen niet vanuit het Nieuwe verbond, onder de orde van Melchisedek weer terug te gaan naar de wet van Mozes onder het levitische priesterschap, want deze was onvolkomen en er is iets beters. Wij zijn in Jeshua de Messias onder een beter verbond onder een beter priesterschap, een eeuwig priesterschap en een Koninklijk Priesterschap een Volk God ten eigendom. Dus niet naar de orde van Aäron maar naar de orde van Melchisedek.

En zo zien we velen de verkeerde weg opgaan, vanuit de Messiaansen gaan velen de weg naar links in en roepen Thora, Thora, Thora, en gaan weer onder de levitische priesterschap onder de orde van Aäron. Maar ook velen vanuit de christenen gaan rechts de weg op en zijn Thora-loos (wetteloos).

Deze wegen leiden van de rechte weg af en leiden tot zonde en dood en verwijdering. Maar laat je niet wijsmaken dat de morele wetten niet meer gelden, zodat we wetteloos kunnen worden. Diefstal, moord en overspel zijn nog steeds zonden. Alleen de rituele en ceremoniële wetten zijn afgeschaft en ten einde gebracht door God zelf, dat was tijdelijk want zij is opgelegd tot op de tijd van herstel door Jeshua, door zijn eigen bloed, die is vervuld. Wetteloosheid in de Gemeente is een ernstige zaak waarvan de Heer zegt in Math. 7:21-23, ‘Niet een ieder, die tot Mij zegt: Here, Here, zal het Koninkrijk der hemelen binnengaan, maar wie doet de wil mijns Vaders, die in de hemelen is. Velen zullen te dien dage tot Mij zeggen: Here, Here, hebben wij niet in uw naam geprofeteerd en in uw naam boze geesten uitgedreven en in uw naam vele krachten gedaan? En dan zal Ik hun openlijk zeggen: Ik heb u nooit gekend; gaat weg van Mij, gij werkers der wetteloosheid.’

Dus laten we niet terug gaan onder het Levitische priesterschap want deze dooft de Geest en de kracht van de Heilige Geest die in ons is uit, de Geest die we ontvangen hadden toen we tot een levend geloof kwamen. Paulus waarschuwde in Galaten 3, van wie heeft u betovert wie Jezus Christus toch als gekruisigde voor de ogen geschilderd is? Dit alleen zou ik van u willen weten: Hebt gij de Geest ontvangen ten gevolge van werken der wet, of van de prediking van het geloof? Zijt gij zó onverstandig? Gij zijt begonnen met de Geest, eindigt gij nu met het vlees? Was het dan tevergeefs, dat gij zoveel hebt ondervonden? Ware het slechts tevergeefs! Die u de Geest schenkt en krachten onder u werkt, (doet Hij dit) ten gevolge van werken der wet, of van de prediking van het geloof? Ze vervielen tot oud, wettisch, vleselijk doen (3:3b,5, 10-14). Zij bleken zo ongeestelijk en onmondig, dat zij hun heil gingen zoeken in het houden van de wet van Mozes(4:3). Want de wet van Mozes geldt slechts voor Israël tot Johannes de Doper!

Maar nu, ga onder de nieuwe ordening van Melchizedek, daar waar we een Heilige Koninklijke priesterschap zijn onder Hem, Hij Jeshua die de Hogepriester is, die ons zalft en bekrachtigt met Zijn Heilige Geest, die ons Zijn gaven en bedieningen geeft om krachten en wonderen te doen in Zijn Naam. Het geschreven Woord, dat is Jeshua Zelf, de Levende Thora, die zal in ons hart, in ons binnenste schijnen en dan zullen we innerlijk verlicht worden en wijsheid en openbaringen ontvangen, verlichte ogen van ons hart. En zo zullen wij Hem kennen zoals Hij is, en zullen we samen opgebouwd worden totdat wij allen de eenheid des geloofs en der volle kennis van de Zoon Gods bereikt hebben, de mannelijke rijpheid, de maat van de wasdom der volheid van Christus. Zo worden we waarlijk vrij en geestelijk volwassen en zonen Gods die erven. We moeten niet teruggaan van het geloven naar het doen, van de Geest naar het vlees, van nieuwe weer terug naar oud. We moeten stand houden en ons niet weer een slavenjuk laten opleggen.

Amen.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.